146 Nagele (W25)

In de mist

 

Al snel zagen de polderlopers door de mist de polder niet meer.

Polderplanner Metz had zich nog wel zo goed voorbereid. Aan de hand van historisch kaartmateriaal had hij een route uitgestippeld door het Emmeloord van 1960. ‘Eens kijken hoe de eerste straatjes en gebouwen van het centrum van de Noordoostpolder er nu bij liggen. En een prima manier om een beetje de pioniersgeest uit de eerste jaren van de polder op te snuiven.’ De dichte mist gooide echter roet in het eten. Een ‘meet and greet’ met een echte pioniersvrouw maakte alles meer dan goed… 

 
Tante Marijke

Een stralende tante Marijke ontving haar nichtje Dieuwerke gastvrij en dat er dan nog een stuk of tien vreemde mannen haar kamer binnen stuiterden leek haar niet te deren.

 

Ondanks een gedegen onderzoek stonden de polderlopers in Nagele voor de gesloten deur van ‘De Frietbakkerij’. De openingstijden op de deur ten spijt zat een frietje er niet in. Teleurgesteld dropen de polderlopers af in de richting van de supermarkt ten einde wat proviand in te slaan voor de poldertocht naar Emmeloord. 
Gelukkig bleek polderloper Kloosterman over de juiste contacten in Nagele te beschikken. Haar tante Marijke, sinds 1959 (!) woonachtig in de polder, bleek maar al te graag bereid koffie te willen zetten voor de horde polderlopers. De gastvrouw vertelde over haar leven op de kale vlakte even ten zuiden van Nagele. Haar man was ‘knecht’ bij een akkerbouwer en mocht daarom een woning betrekken. Iets wat in de jaren zestig in ons vaderland een enorme luxe was én reden genoeg om te verhuizen naar de zojuist drooggevallen Noordoostpolder. ‘Een boer had in die tijd met 48 hectares zeker drie knechten nodig om zijn bedrijf te runnen. Tegenwoordig heeft een akkerbouwer met 48 hectares een baan erbij nodig om rond te kunnen komen.’ Tante Marijke was zichtbaar in haar nopjes met het onverwachte bezoek en vertelde de nieuwsgierige polderlopers dan ook graag over de beginjaren op het Nieuwe Land. 

Architectonische hoogstandjes 

Een van de vele architectonische hoogstandjes die het ‘Nieuwe Bouwen’ aan het erfgoed van de polder heeft toegevoegd.

‘Is dit mooi?’ vroeg polderpoëet Hardeman regelmatig aan excursieleider Metz. Wanneer deze bevestigend knikte pakte hij enthousiast zijn camera, ‘dan maakt ik er een foto van!’ Na de koffie bij tante Marijke nam Metz zijn volgelingen op sleeptouw door Nagele. ‘Hele busladingen studenten bouwkunde komen hier. Nagele is internationaal een hotspot op het gebied van het Nieuwe Bouwen,’ roeptoeterde hij terwijl de polderlopers schouderophalend langs het ene na het andere rijtje deerniswekkende treurbouw slenterden. ‘Overal platte daken en nergens een zolder,’ had tante Marijke al verteld want ‘dan bewaren de mensen alleen maar te veel rotzooi.’ Gelukkig zijn er in ons land deskundigen die weten wat goed is voor de mensen. Nagele was een oase in een kale kleiwoestijn die de Noordoostpolder was toen deze droogviel. Beschut door hoge rijen bomen en voorzien van heel veel ruimte tussen de woonblokken konden de bewoners van Nagele in ieder geval weinig last hebben van de gure wind en van hun buren. Gezien het feit dat het stedenbouwkundige concept van Nagele daarna nooit meer is herhaald kunnen we toch vaststellen dat dit idee zijn doel ver voorbijstreefde. Klinkende namen als Van Eesteren, Rietveld en Van Eyck ten spijt is het huidige Nagele een plek die Hillary Clinton moeiteloos voor de ’the deplorables’ zou bestemmen. De door tuinarchitect Mien Ruys ontworpen groene ruimtes met daarin op militaristische wijze geplante rijen bomen versterkt het gevoel van onbehaaglijkheid en desolaatheid. ‘Je zult hier als statushouder uit Mozambique terecht komen,’ verzuchtte excursieleider Metz terwijl hij hoofdschuddend door dit culturele erfgoed liep. 
 

De bouwkundige excursie door Emmeloord liep volledig in de mist. De immer optimistische planning bleek ook weer te veel gevraagd. Tegen de tijd dat de randen van Emmeloord bereikt waren bleek het ook al tegen etenstijd te lopen. Tijd voor een extra rondje door dit eerste polderdorp bleek er niet meer te zijn. In één rechte streep ging het dan ook via duistere maar drukke wegen richting Chin. Ind. Spec. Rest. De Lange Muur. 

Relatiebeheer 

Ondanks het feit dat de polderlopers niet hadden gereserveerd bij de Chinees, schoven ze toch aan achter een rijk gevulde dis.

‘Heb je wel gereserveerd?’ vroeg polderloper Goddijn bezorgd aan de polderplanner. ‘Reserveren bij een Chinees? Dat hebben we nog nooit gedaan,’ was zijn verbouwereerde antwoord. Nochtans, wijzer geworden door de sluitingstijden van De Frietbakkerij in Nagele, besloot hij contact op te nemen met de lokale Chinees in Emmeloord. Waar polderlopers gewend zijn zich in uitgestorven eetzalen in alle rust te laven aan de geneugten van de Chinees Indonesische keuken, bleek de neringdoenende in Emmeloord een andere conceptie van het begrip ‘hospitality’ te hanteren. Al telefonerend langs een lange rechte in mist gehulde polderweg, kreeg polderplanner Metz de wind van voren. ‘Wel een beetje laat hé! Om nu te reserveren voor veertien personen. Zo werkt dat niet hier!’ Eenmaal aangekomen in het restaurant deed de ober er nog een schepje bovenop. Allemaal afzonderlijk bestellen van de kaart bleek niet tot zijn mogelijkheden te behoren. Hij stelde dwingend voor een ‘verrassingsmenu’ te maken. Voor vegetariërs had hij met lichte tegenzin dan nog wel een alternatief. 

‘Verfrissend,’ reageerde Chinees-kenner Steenaart tevreden, ‘heel wat anders dan die deemoedig buigende obers die we in Nederland gewend zijn. Deze man weet wat hij wil.’ Steenaart omschreef de werkwijze van de gerant in Emmeloord geamuseerd als ‘een uitdagende balanceeract op een wankel koord van lompheid en eigenzinnigheid’.   

Kwartiermakers

Dankzij de bemiddeling van polderloper Goddijn stopte de bus zo dicht mogelijk bij het Observatorium.

 

Polderloper Goddijn kon zijn contacten als buschauffeur goed gebruiken om ervoor te zorgen dat de polderlopers zo dicht mogelijk bij het Observatorium werden afgezet door buslijn 140. Aangekomen in de binnencirkel van het kunstwerk werden de polderlopers aangenaam verrast. De connecties van Goddijn hadden het kampvuur al brandend en de flessen whisky werden reeds op temperatuur gebracht. Er was zelfs gezorgd voor muzikale omlijsting. Gezellig koutend om het vuur en luisterend naar countrymuziek werd er tot in de kleine uurtjes nagepraat over weer een gedenkwaardige tocht. 

De kwartiermakers uit de omgeving van Ede zorgden voor een warm onthaal voor de polderlopers.

Voorzichtig plusje

De ‘legacy’ van de koffieman is ondertussen in goede handen bij Brigitte en Mari Smits uit Lelystad.

 

Na een hele tocht in de mist gewandeld te hebben, bleek er in de vroege ochtend toch wat licht aan de horizon. Uiteindelijk verscheen er heel voorzichtig een waterige oranje streep aan de horizon. Genoeg om ook deze tocht met een ‘plusje’ in de statistieken op te nemen. 

De winter van 2025 ging met een voorzichtig ‘plusje’ de statistieken in.
Polderlopers
  • Arthur Buijs
  • Arthur Gerritsen
  • Peter Goddijn
  • Kevin Hardeman
  • Ton Hardeman
  • Niels Harte
  • Dieuwerke Kloosterman
  • Maarten Metz
  • Connie de Neef
  • Sjoerd Steenaart
  • Lourens Vellinga
  • Wilma Wormgoor
Statistieken
  • Route: Nagele – Emmeloord (18 km) Bushalte Domineesweg, Domineesweg, Nagele, Eggestraat, Voorhof, Ring, Noorderpoort, Zuidwesterringweg, Karel Doormanweg, Emmeloord, Randweg, Nagelerweg, Nagelerstraat, Beursstraat, Lange Nering
  • Koffieman: Mari en Brigitte Smits
  • Koffievrouw: Marijke Lindemulder
  • Zonsopkomst: plus
  • Wind: N2
  • Temperatuur: 6 C